Parsja TEROEMA – Sjemot/Exodus 25:1 – 27:19.
„En u zult maken een gouden Menora, van rein goud, gedreven zal de Menora gemaakt worden, uit één stuk“ (25:31).
Rasji legt uit, dat Mosje problemen had met de fabricage van de Menora. G’d zei hem toen: „Werp een stuk goud in het vuur en Ik zal ervoor zorgen dat de Menora er vanzelf komt„. Daarom staat hier ook niet „gij zult het maken“ maar „het zal gemaakt worden„, vanzelf.
Rabbi Efraïm Luntsjits uit Praag (16e eeuw) wijst verder op het einde van de beschrijving: „hij zal het – de Menora – maken„. Er wordt niet duidelijk gezegd wie het moest maken. Ook dit vormt een aanduiding voor het feit dat het vanzelf de vorm aannam, die G’d wilde (25:39).
Er staan hier drie afdelingen achter elkaar:
1 – Eerst wordt de Heilige Arke beschreven,
2 – daarna de Tafel met de toonbroden en
3 – vervolgens de Menora.
Morele les
In feite gaat het hier over een morele les. Er bestaat verband tussen deze drie voorwerpen en de boodschap, die zij uitstralen.
De mens wordt gezien als een continuum tussen deze wereld en de daaropvolgende komende wereld.
De Heilige Arke, met daarin de Stenen Tafelen en de Tora-rol van Mosje Rabbenoe, staat als eerste beschreven omdat de Tora het leven zin geeft en de mens op het rechte pad houdt.
Hebt u zich wel eens afgevraagd waarom wij hier op de wereld zijn?
Wat is de meerwaarde van het leven, wat houden we eraan over?
Wat nemen we mee?
De letter Gimmel: beloning
Alleen bovenaardse verdiensten, zoals Tora-studie en Mitsvot.
Zeker als ze van hoge kwaliteit zijn omdat ze zonder winstbejag werden uitgevoerd.
In de afdeling over het maken van de Heilige Arke wordt niet gesproken over de beloning van de Tora-inspanningen die een mens doet. Daarom treft men in deze beschrijving de letter Gimmel niet aan. Alle letters van het alfabet verschijnen maar de derde letter niet.
De letter Gimmel komt van de stam Gemoel en duidt op beloning.
Dit geeft ons een hint. De Tora moeten we niet leren omwille van gewin. De Tora moeten wij om niet doen, pro Deo. Daarom staat bij de Torakast geen letter Gimmel. De beste beloning voor een Mitsva is weer een andere Mitsva.
De handeling is zelfbelonend.
Het altaar: G’ds Tafel
Toch geeft G’d iedereen zijn beloning, of hier, of in het hiernamaals.
Daarom wordt direct daarna gesproken over de Tafel met de toonbroden. Die staat voor de aardse Beroche (zegen). Iedereen eet van G’ds Tafel. Ook het altaar wordt Tafel genoemd, de Tafel van G’d.
Wanneer men arme mensen te eten geeft, geeft dat Kappara (verzoening), zoals het altaar. Ook wij krijgen ons dagelijks brood in de verdienste van de toonbroden, de Tsedaka, die wij aan de Kohaniem geven.
Mijn licht in jullie ziel
Daarna wordt de Menora in de Tora behandeld. De Menora symboliseert de uitstraling van het geestelijk licht. De Menora wordt zo aangestoken dat de vlammen vanzelf opstijgen. De vlam staat voor de G’ddelijke ziel.
Daarom zegt G’d tegen Israël: „Jullie hebben Mijn licht in jullie ziel en jullie licht is in Mijn hand. Als jullie Mijn licht, dat ik jullie gegeven heb, goed bewaakt, door altijd ervoor te zorgen dat de vlam blijft stijgen, zal ik ook jullie G’ddelijke licht, dat Nesjama (ziel) heet bewaken„.
De ziel stijgt vanzelf.
De Olam Haba krijgt vanzelf gestalte
De Nesjama verlangt vanzelf terug naar haar Oorsprong. De Menora is spiritualiteit, nu en in de komende wereld.
Misschien was dat de reden waarom Mosje het moeilijk had met de Menora, want spiritualiteit heeft geen vorm en de geestelijke beloning in het hiernamaals is moeilijk voor te stellen.
Maimonides vergelijkt het met het verschil tussen groen en blauw uitleggen aan een blinde. We hebben geen enkele voorstelling van hoe de toekomstige wereld eruit ziet. Totdat G’d het hem liet zien: het krijgt vanzelf gestalte als wij maar bezig zijn met Tora en Mitsvot.
Tegenover de Tafel
De Menora moest staan tegenover de Tafel. Wanneer dingen tegenover elkaar staan zijn ze vaak tegengesteld. Hoe meer men geniet van deze wereld, des te minder krijgt men in de toekomstige wereld.
Daarom waren Tsadikkiem nooit blij met meer in deze wereld dan ze strikt noodzakelijk hadden. Daardoor verworven ze hun Olam Haba volledig.
