Joods! Tora leren en leven.

Over de aartsmoeders en hun verbinding met de sefirot van de Kabbala

De vraag naar de “tien verloren stammen van Israël” raakt zowel aan historische als aan mystieke lagen van de Joodse traditie.

1. Historische achtergrond

Historisch gezien ontstond hun situatie na de dood van koning Salomo, toen het verenigde koninkrijk uiteenviel in twee rijken:

  • Het noordelijke koninkrijk Israël, bestaande uit tien stammen.
  • Het zuidelijke koninkrijk  Jehoeda, bestaande uit de stammen  Jehoeda en Benjamin, samen met veel Levieten.

Het noordelijke koninkrijk werd in 722 v.d.g.j. veroverd door Sargon II van Assyrië.

Een groot deel van de bevolking werd gedeporteerd en over verschillende gebieden van het Assyrische rijk verspreid. Uit dit historische gebeuren ontstond het idee van de “verloren” tien stammen.

Het koninkrijk  Jehoeda bleef daarentegen nog langer bestaan, totdat Jeruzalem in 586 v.d.g.j. werd verwoest door Nebukadnezar II van Babylon.

Een deel van de bevolking ging toen in Babylonische ballingschap, maar kon later terugkeren. Daarom ontwikkelde de latere Joodse gemeenschap zich vooral uit de stammen  Jehoeda en Benjamin.

2. De mystieke interpretatie

In de Joodse mystiek wordt het verdwijnen van de tien stammen echter zelden gezien als een definitieve vernietiging.

Mystieke werken zoals de Zohar leren dat de tien stammen op een bepaalde manier verborgen of afgescheiden blijven voortbestaan.

Soms wordt verteld dat zij leven achter een mythische rivier of in afgelegen gebieden van de wereld. Andere interpretaties begrijpen dit eerder spiritueel en zien hen als een verborgen dimensie van het volk Israël.

Volgens veel traditionele bronnen zullen zij in de messiaanse toekomst opnieuw worden verzameld en met Jehoeda worden verenigd.

3. De bijzondere rol van Jehoeda en Benjamin

Dat juist Jehoeda en Benjamin historisch bleven bestaan, wordt in de Tenach vaak verklaard vanuit het verbond van G’d met koning David.

De Davidische koningslijn moest voortbestaan, omdat daaruit de toekomstige Messias zal voortkomen, die vaak Masjiach ben David wordt genoemd.

De stam Jehoeda droeg deze koninklijke lijn.

Benjamin bleef nauw verbonden met  Jehoeda, omdat een deel van Jeruzalem en de omgeving van de Tempelberg op zijn stamgebied lagen.

Samen vormden deze twee stammen daarom de kern van:

  • het zuidelijke koninkrijk
  • en later de Joodse identiteit.

4. Twee messiaanse figuren

In latere mystieke tradities ontmoeten we ook het idee van twee messiaanse figuren:

  • Masjiach ben Joseef
  • Masjiach ben David

De eerste wordt symbolisch verbonden met de stammen van het noordelijke rijk, vooral met de lijn van Joseef.

De tweede komt voort uit  Jehoeda en brengt de uiteindelijke verlossing.

Sommige interpretaties zien hierin een hereniging van de twee historische delen van Israël:

  • de verborgen dimensie van de tien stammen
  • en de zichtbare lijn van  Jehoeda.

5. De symboliek van de aartsmoeders in de Kabbala

Ook de symbolische rol van de moeders van de stammen wordt in de Kabbala soms met deze structuur verbonden.

  • Lea wordt vaak geassocieerd met een verborgen, hogere werkelijkheid
  • Rachel vertegenwoordigt eerder de zichtbare en gemanifesteerde wereld

In bepaalde kabbalistische interpretaties wordt:

  • Lea verbonden met de sefira Bina
  • Rachel verbonden met de sefira Malchoet

Hieruit ontstaat een symbolische spanning tussen:

  • een verborgen innerlijke dimensie
  • en een zichtbare historische realiteit

Toegepast op de geschiedenis van Israël betekent dit:

  • een deel van het volk blijft zichtbaar in de wereldgeschiedenis (Jehoeda en Benjamin)
  • een ander deel blijft verborgen, totdat het in de messiaanse toekomst opnieuw wordt geopenbaard.

In deze visie is het verdwijnen van de tien stammen dus geen puur historisch verlies, maar onderdeel van een groter spiritueel proces van verstrooiing en latere hereniging.

6. De visie van de ARI

Sommige kabbalistische leraren, vooral Rabbi Jitschak Luria (de heilige ARI), zagen de geschiedenis van Israël als een spiegel van een kosmisch proces.

Volgens deze visie worden vonken van heiligheid in de wereld verstrooid en moeten zij in de loop van de geschiedenis opnieuw worden verzameld.

De terugkeer van de verloren stammen symboliseert dan de voltooiing van dit proces en het herstel van de oorspronkelijke eenheid.

De aartsmoeders en de sefirot

De verbinding tussen de aartsmoeders en de sefirot behoort tot de subtielere thema’s van de Kabbala.

De aartsmoeders worden namelijk niet alleen gezien als historische personen, maar ook als spirituele archetypen.

Dit komt vooral naar voren in kabbalistische en chassidische commentaren op de Zohar en in de leer van de heilige ARI.

In deze tradities weerspiegelen de vier aartsmoeders bepaalde structuren van de tien sefirot, de G’ddelijke emanaties waardoor de G’ddelijke werkelijkheid zich ontvouwt.

7. Lea en Rachel

Centraal staat het onderscheid tussen de twee hoofdvrouwen van Jakob:

  • Lea
  • Rachel

In de mystieke symboliek vertegenwoordigen zij twee verschillende niveaus van G’ddelijke manifestatie.

Lea – Bina

Lea wordt verbonden met Bina, de sefira van begrip en innerlijke verwerking.

Bina behoort tot de bovenste triade van de sefirot en vertegenwoordigt het niveau waarop G’ddelijke wijsheid structuur en betekenis krijgt.

Daarom wordt Bina vaak “de moeder van de werelden” genoemd, omdat uit haar de lagere sefirot voortkomen.

In kabbalistische taal wordt Bina ook beschreven als een verborgen moeder.

Dit weerspiegelt zich in het Tenach (bijbelse) beeld van Lea:

  • zij is de minder zichtbare en minder begeerde vrouw van Jakob,
  • maar juist van haar stammen de meeste stammen van Israël af.

Haar vruchtbaarheid symboliseert de scheppende kracht van Bina, die vanuit het verborgene nieuw leven voortbrengt.

Rachel – Malchoet

Rachel wordt daarentegen verbonden met Malchoet, de laatste van de sefirot.

Malchoet staat voor:

  • manifestatie
  • aanwezigheid in de wereld
  • het koningschap

Dit is het niveau waarop G’ddelijke energie concrete werkelijkheid wordt.

Waar Bina een verborgen innerlijke dimensie vertegenwoordigt, vormt Malchoet de zichtbare oppervlakte waarin de hogere sefirot zich uitdrukken.

Rachel wordt in de Tora vaak beschreven als bijzonder mooi en staat centraal in veel verhalen.

In mystieke interpretatie weerspiegelt deze zichtbaarheid de functie van Malchoet:

zij is de Sjechina, de G’ddelijke aanwezigheid in de wereld.

De twee moeders

In kabbalistische literatuur wordt daarom soms gesproken over:

  • Lea – de “hogere moeder”
  • Rachel – de “lagere moeder”

De hogere moeder vertegenwoordigt de verborgen spirituele structuur van de werkelijkheid, terwijl de lagere moeder de concrete verschijningsvorm in de wereld belichaamt.

Zo ontstaat een as van verborgenheid en openbaring, een centraal thema in de Joodse mystiek.

8. Sara en Rivka

Ook de andere twee aartsmoeders worden in dit systeem opgenomen.

  • Sara wordt vaak verbonden met de sefira Chesed (liefdevolle goedheid en expansie)
  • Rivka wordt verbonden met Gewoera (kracht, begrenzing en oordeel)

Samen weerspiegelen de vier aartsmoeders zo een dynamisch evenwicht tussen:

  • expansie en beperking
  • verborgen en zichtbare werkelijkheid.

9. De twaalf stammen

Binnen deze symboliek krijgen ook de twaalf stammen een diepere betekenis.

  • De zonen van Lea vertegenwoordigen vaak de innerlijke structuur van Israël.
  • De zonen van Rachel, vooral Joseef en Benjamin, worden sterker verbonden met de historische manifestatie van het volk.

Daarom wordt Joseef in veel messiaanse interpretaties verbonden met Masjiach ben Joseef.

Uit  Jehoeda, een zoon van Lea, komt daarentegen de Davidische koningslijn, die uiteindelijk leidt tot Masjiach ben David.

10. Een kosmisch proces

Vanuit kabbalistisch perspectief beschrijft het verhaal van de aartsmoeders dus niet alleen familierelaties, maar een kosmisch proces.

De G’ddelijke werkelijkheid ontvouwt zich:

  • van een verborgen spiritueel niveau (Bina / Lea)
  • via verschillende tussenstadia
  • naar een zichtbare aanwezigheid in de wereld (Malchoet / Rachel).

De spanning tussen deze niveaus schept dynamiek, geschiedenis en ontwikkeling.

Wanneer mystieke teksten spreken over:

  • de hereniging van de stammen
  • of de messiaanse verlossing

bedoelen zij vaak ook het herstel van harmonie tussen deze niveaus van de G’ddelijke structuur.

11. Conclusie

De aartsmoeders vertegenwoordigen dus niet alleen de historische oorsprong van het volk Israël.

Zij belichamen tegelijk archetypische krachten binnen de structuur van de sefirot.

Door hun verhalen wordt zichtbaar hoe het G’ddelijke zich zowel in de innerlijke spirituele werkelijkheid als in de concrete geschiedenis manifesteert.

Cookies Notice

Our website uses cookies. If you continue to use this site we will assume that you are happy with this.