Joods! Tora leren en leven.

Parasjat Pinchas sluit af met de woorden: “Al deze offers moeten jullie aan HaSjem brengen op jullie feestdagen, naast jullie nedariem (geloftesoffers)…”

Over het onderwerp van de nedariem schrijft Rasji z”l:

“Wanneer jullie je gedurende het jaar hebben verplicht offers te brengen,

is het een mitswa om deze tijdens de feestdagen in Jeroesjalajiem te offeren.

Of het nu gaat om nedariem (geloftesoffers) of vrijwillige offers,

breng ze op de feestdag,

anders kan het later moeilijk zijn om opnieuw naar Jeroesjalajiem terug te keren

om ze te brengen,

en zouden jullie het verbod van ‘bal te’acher’ – ‘stel niet uit’ – kunnen overtreden.”

Daarom begint Parasjat Matot met de wetten van uitgesproken geloften (nedariem), om de samenhang te laten zien tussen beloofde offers en persoonlijke geloften.

De Tora leert ons dat een neder de unieke kracht bezit om iets uit de alledaagse wereld te nemen en het te verheffen naar het domein van de heiligheid.

Dat is het diepe geheim van een neder.

Wanneer een mens een gelofte aflegt, verplaatst hij als het ware zijn ‘woonplaats’ van het gebied van het profane naar het gebied van de kedoesja (heiligheid).

Het Hebreeuwse woord neder (נדר) kan worden opgevat als ‘Dar-Noen’:

‘wonen (dar) in de Noen’ – de vijftigste poort, die het domein van de hoogste heiligheid vertegenwoordigt.

Moge het ons allen gegeven zijn met dit bewustzijn te leven en daadwerkelijk binnen te treden in deze wereld van kedoesja.

Cookies Notice

Our website uses cookies. If you continue to use this site we will assume that you are happy with this.