Joods! Tora leren en leven.

Joseefs en Farao’s wagens

Ja’akov zag de wagens, die Joseef gestuurd had. Maar waar waren de wagens die Farao gestuurd had?

De wagens, die Farao gestuurd had, droegen afbeeldingen van awoda zara – afgoderij. Jehoeda verbrandde die uit ijverzucht. Maar waarom staat er dan iets verderop, dat “de Bné Jisraëel, Ja’akov hun vader, hun kinderen en hun vrouwen in de wagens vervoerden, die Farao had gestuurd om hen mee te nemen”?

Vervoer naar Egypte stond symbolisch voor assimilatie en afgoderij

De wagens die Ja’akov en zijn familie naar choets la’arets  – buiten Israël – moesten vervoeren, vormden in feite een subtiele vorm van afgoderij. “Iedereen die buiten Israël woont, wordt beschouwd alsof hij geen G’d heeft”. Ja’akov wilde niet reizen in de wagens, die Farao gestuurd had. Het feit dat hij Israël zou verlaten was op zich al een verkapte vorm van afgoderij.

Begin ballingschap

Maar omdat G’d Ja’akov verschenen was en hem gezegd had: “Ik zal met jou afdalen naar Egypte en Ik zal je er ook weer uithalen”, begreep Ja’akov dat hij er niet onderuit kon. Deze wagens, die gestuurd werden in opdracht van Farao, vormden in feite het begin van de ballingschap.

Boodschap in code

Volgens de Midrasj worden met de wagens (agala in het Hebreeuws) die Joseef stuurde, de voorschriften van het te nekken kalf (egla) aangeduid. Dit was het laatste onderwerp dat Ja’akov en Joseef behandeld hadden voordat hij naar Sjechem gestuurd werd om te zien hoe zijn broers het maakten, waarna hij naar Egypte werd afgevoerd. Toen Ja’akov deze hint begreep, leefde zijn geest op.

Inhoudelijk verband?

Wat heeft dat te nekken kalf – een Tora-procedure, die uitgevoerd moet worden door de oudsten van de dichtstbijzijnde stad nadat er een lijk in het veld gevonden was – inhoudelijk te maken met de ontmoeting tussen Joseef en Ja’akov?

Toratrouw

Uit het feit, dat Joseef zich de afdeling van de egla aroefa nog herinnerde, begreep Ja’akov, dat Joseef nog steeds een Tora-trouwe Jood was. Dat was het enige wat echt telde voor Ja’akov. Joseef gebruikte de inhoud van zijn Tora-lessen bij Ja’akov hier zelfs als wachtwoord!

G’dvrezendheid boven wijsheid

Onze Wijzen zeggen in Pirké Awot dat iedereen bij wie G’dvrezendheid voorgaat boven zijn wijsheid, zijn wijsheid zal behouden. Joseef was nog op de hoogte van alles wat hij geleerd had. Ja’akov vatte dit op als een teken dat hij nog steeds een G’dvrezend persoon was.

Wie moest naar wie komen?

Toch ligt er nog een diepere achtergrond in de procedure van het te nekken kalf. Wie moest nu wie komen opzoeken? Moest Joseef naar Ja’akov gaan omdat hij zijn vader moest eren of moest Ja’akov maar naar Egypte gaan om Joseef, als onderkoning, te eren.

Hoofd volgt het lichaam

Deze vraag komt aan de orde binnen het kader van de procedure van de egla aroefa. In B.T. Sota 45 wordt gediscussieerd over de vraag wat er nu moet gebeuren wanneer het lichaam van het slachtoffer van moord dichter bij stad A ligt, terwijl zijn hoofd zich dichter bij stad B bevindt. Welke stad komt er nu in aanmerking voor de procedure? De conclusie luidt dat men het hoofd het lichaam laat volgen en daarom moest Ja’akov – die het hoofd van de familie was – achter Joseef aan richting Egypte.

Cookies Notice

Our website uses cookies. If you continue to use this site we will assume that you are happy with this.